Skip to content

Vrijspraak stiefopa uit Nederweert die kleindochter zou hebben misbruikt

1 april 2026 | 18:41

De rechtbank Limburg heeft op 1 april 2026 een 62-jarige verdachte uit Nederweert vrijgesproken van verkrachting dan wel aanranding van een 7-jarig kind. Volgens de rechtbank is er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs om tot een veroordeling te komen.

Vrijspraak stiefopa uit Nederweert

De zaak werd behandeld op 18 maart 2026 in Roermond. De verdachte werd bijgestaan door zijn advocaat. Ook de officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten toegelicht. De benadeelde partij had zich in de zaak gevoegd en een schadevergoeding gevorderd.

Verdenking rond spelmoment in woning
De verdenking heeft betrekking op een situatie op 24 mei 2025 in Nederweert. Het kind verbleef die dag bij haar stiefopa en stiefoma. Volgens de verklaring van het kind zou tijdens het spelen van verstoppertje in de woning van de verdachte sprake zijn geweest van seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Vaststaat dat het kind die dag bij de verdachte aanwezig was en dat er samen is gespeeld. Ook staat vast dat er later die avond nog samen met familie is gegeten. In de dagen daarna zijn er volgens het dossier geen bijzonderheden in het gedrag van het kind opgemerkt. Pas op 27 mei 2025 gaf het kind aan niet meer door de verdachte opgehaald te willen worden en heeft zij over het vermeende incident verteld.
De verdachte heeft de beschuldigingen ontkend.

Onvoldoende steunbewijs
De kern van de zaak draaide om de verklaring van het kind. In zedenzaken is het volgens de wet niet voldoende om alleen op één verklaring te veroordelen. Er moet steunbewijs zijn uit een andere bron. De rechtbank oordeelt dat dit steunbewijs ontbreekt.

Alle belastende verklaringen zijn afkomstig van dezelfde bron, namelijk het kind zelf. Ook verklaringen van de vader en opgenomen gesprekken worden niet als onafhankelijk steunbewijs gezien, omdat deze voortkomen uit wat het kind heeft verteld.

Emotionele reactie van het kind
De officier van justitie stelde dat de emotionele reactie van het kind tijdens een zogenoemd disclosuregesprek als steunbewijs kon dienen. De rechtbank volgt dit niet. De emotie werd pas enkele dagen na het vermeende incident waargenomen en in de tussentijd waren er geen opvallende signalen of gedragsveranderingen.

Daarnaast werd gekeken naar het taalgebruik van het kind, maar ook dit leverde volgens de rechtbank geen doorslaggevend bewijs op.

Geen veroordeling, geen schadevergoeding
Omdat het bewijs onvoldoende is, spreekt de rechtbank de verdachte vrij. Dit betekent ook dat de vordering van de benadeelde partij niet wordt behandeld. De benadeelde partij is daarom niet-ontvankelijk verklaard in de eis tot schadevergoeding.

De rechtbank benadrukt dat, ook als een verklaring geloofwaardig lijkt, een veroordeling zonder aanvullend bewijs niet mogelijk is volgens de wet.

Advertentie

Er zijn nog geen reacties geplaatst


Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Advertentie

Foutje gespot?

Oeps, je hebt kennelijk een foutje gespot.
Fijn dat je ons op de hoogte brengt. Met een paar klikken kun je ons hierover een berichtje sturen. We doen ons best het foutje zo snel mogelijk te herstellen en je hiervan op de hoogte te brengen.

Advertentie

Meer nieuws

2026_04_01-Laatste_H_Mis_in_Sint_Rochuskerk_Budschop1
Afscheid met verdriet én dankbaarheid
1 april 2026 | 18:00

Advertentie